Terugleverkosten zijn geen toekomstig risico, maar een bestaande praktijk. Sinds 2023 rekenen steeds meer energieleveranciers dit door aan klanten met zonnepanelen, voor de stroom die zij aan het net terugleveren. De Autoriteit Consument & Markt (ACM), de toezichthouder op de energiemarkt, onderzocht dit uitgebreid en oordeelde in december 2025 dat deze kosten niet onredelijk zijn ten opzichte van wat leveranciers daadwerkelijk kwijt zijn, en dat de hoogte ervan inmiddels op een stabiel niveau ligt. Een batterij helpt hiertegen indirect: door overtollige zonnestroom eerst op te slaan in plaats van terug te leveren, verklein je het deel van je opwek waarover je terugleverkosten betaalt.
Wat zijn terugleverkosten precies?
Terugleverkosten zijn een vergoeding die een energieleverancier bij je in rekening brengt voor de stroom die je met zonnepanelen teruglevert aan het net. Dit is een ander mechanisme dan de salderingsregeling: saldering gaat over of je teruggeleverde stroom mag wegstrepen tegen je verbruik, terugleverkosten zijn een aparte kostenpost die daar los van staat. Zie ons artikel over het stoppen van salderen voor dat aparte onderwerp.
Volgens de ACM maken leveranciers deze kosten omdat teruggeleverde zonnestroom het net belast en omdat het balanceren van die stroom geld kost. Uit ACM-onderzoek naar zestien leveranciers, met extra bedrijfsbezoeken bij vijf grote partijen, bleek dat de kosten die verschillende leveranciers maken niet sterk uiteenlopen, en dat klanten met zonnepanelen niet opdraaien voor kosten die niets met hun eigen teruglevering te maken hebben. Vanaf het modelcontract van 1 januari 2026 moeten leveranciers terugleverkosten bovendien altijd per kilowattuur teruggeleverde stroom berekenen, wat contracten onderling beter vergelijkbaar maakt.
Een uitzondering: klanten met een dynamisch energiecontract betalen volgens de ACM weinig tot geen terugleverkosten, omdat leveranciers voor deze klanten minder van dit soort kosten maken. Let op: dat betekent niet dat een dynamisch contract altijd volledig zonder vergelijkbare kosten is. Energie-expert Jeroen van Diesen beschrijft dat veel dynamische leveranciers in plaats daarvan een aparte opslag rekenen, doorgaans tussen de 1,8 en 4,8 cent per kWh, en dat sommige leveranciers daarbij constructies gebruiken die op de staffels van vaste contracten beginnen te lijken. Reken dus ook bij een dynamisch contract door wat de aanbieder precies rekent, in plaats van er zomaar van uit te gaan dat teruglevering daar gratis is. Een dynamisch contract is bovendien geen reden om zomaar over te stappen: het brengt een eigen, ander risico met zich mee, namelijk sterk wisselende tarieven.
Waarom onze rekentool dit standaard niet meetelt
Niet elke leverancier rekent terugleverkosten, en de hoogte verschilt per contract. Onze rekentool rekent dit daarom standaard niet mee, niet omdat we verwachten dat het verdwijnt, maar omdat we dit niet voor iedereen kunnen aannemen. Reken je leverancier al wel terugleverkosten, dan kun je dit zelf aanzetten. Onze tool gebruikt dan een voorbeeldtarief van 12 cent per kWh. Dat is een eigen instelling van onze rekentool, geen extern geverifieerd gemiddelde: in de praktijk liggen de bedragen die leveranciers rekenen uiteen, en soms hoger. Zo noemt energie-expert Jeroen van Diesen in augustus 2025 een tarief van €0,1423 per kWh bij Eneco op een vast contract, ruim boven ons voorbeeldtarief. Vul daarom het beste zelf het juiste tarief in als je dat van je leverancier weet.
Heb je een dynamisch contract, dan kun je in de rekentool ook je eigen opslag bij teruglevering invullen, zodat de uitkomst aansluit bij wat jouw leverancier daadwerkelijk rekent.
Rekenvoorbeeld: met en zonder terugleverkosten
Huishouden 1 uit ons artikel kopen of wachten: 2.500 kWh per jaar, 6 zonnepanelen, vast contract, met een Marstek Venus E 3.0 van 5,12 kWh (€1.225).
| Situatie | Besparing eerste jaar | Terugverdientijd | Netto na 15 jaar |
|---|---|---|---|
| Zonder terugleverkosten | €124 | 9,5 jaar | €769 |
| Met terugleverkosten (12 ct/kWh) | €237 | 5,1 jaar | €2.581 |
Bij een groter huishouden met meer zonnepanelen is het effect nog sterker. Huishouden 4 (18.000 kWh per jaar, twee elektrische auto's, een warmtepomp, 32 zonnepanelen) met een vast systeem van 20 kWh (€7.990):
| Situatie | Besparing eerste jaar | Terugverdientijd | Netto na 15 jaar |
|---|---|---|---|
| Zonder terugleverkosten | €663 | 11,5 jaar | €2.631 |
| Met terugleverkosten (12 ct/kWh) | €1.265 | 6,2 jaar | €12.285 |
Het verschil komt doordat een batterij juist die zonnestroom opvangt die je anders zou terugleveren. Hoe meer zonnepanelen je hebt en hoe meer overtollige stroom je normaal zou terugleveren, hoe groter het bedrag dat een batterij dan aan terugleverkosten vermijdt.
Wat dit betekent voor jouw keuze
Controleer eerst je eigen energiecontract: rekent je leverancier al terugleverkosten, en zo ja, hoeveel per kWh? Vul dat eigen tarief in bij onze rekentool in plaats van het standaardtarief van 12 cent, voor het meest nauwkeurige beeld. Heb je nog geen terugleverkosten, reken dan zowel met als zonder door, zodat je ziet hoe gevoelig jouw uitkomst hiervoor is als je leverancier dit later alsnog gaat rekenen.