Wat zegt het NIPV?
Het NIPV, het onderzoeksinstituut van de veiligheidsregio's, publiceerde in december 2024 het rapport “Thuisbatterijen en brandveiligheid”. De kernconclusies: de kans op een incident in een woning neemt door een thuisbatterij toe, en de effecten van een brand kunnen groter zijn, met snelle brandgroei en explosierisico. De kans op brandoverslag naar de buren neemt níet toe. En: de Nederlandse bouwregelgeving houdt met deze risico's nog geen rekening, dus het is aan jou en je installateur om het goed te doen.
In maart 2026 volgde een tweede rapport, over incidentbestrijding. Daaruit: woningbranden waarbij een thuisbatterij betrokken is, kunnen sneller en intensiever verlopen dan reguliere woningbranden, en de stroom uitschakelen in de meterkast betekent niet dat de batterij spanningsloos is. Van de acht geanalyseerde incidenten (uit binnen- en buitenland) vonden er zes plaats in garages.
Hoe vaak gaat het echt mis?
Eind 2024 waren er bij het NIPV nog geen incidenten met een reguliere thuisbatterij in Nederland bekend; het enige geregistreerde geval betrof een zelfgebouwde batterij in 2023. Inmiddels zijn er wel incidenten geweest, maar het blijven er weinig, terwijl er medio 2026 ruim 56.000 thuisbatterijen bij de netbeheerders geregistreerd staan en het werkelijke aantal door onderregistratie waarschijnlijk flink hoger ligt. Een precieze kans per batterij valt daar niet betrouwbaar uit te berekenen, en wie dat wel doet, pretendeert meer zekerheid dan de data toelaat.
Ter vergelijking: accubranden door e-bikes, scooters en steps veroorzaken in Nederland honderden branden per jaar. Het is verleidelijk die cijfers op thuisbatterijen te plakken, maar het NIPV waarschuwt daar expliciet voor: een vast geïnstalleerde thuisbatterij met een batterijmanagementsysteem is een ander product dan een losse fietsaccu.
Wat er kan misgaan: thermal runaway
Het risico waar alles om draait heet thermal runaway: een ongecontroleerde kettingreactie in de batterijcellen die kan leiden tot hevige brand, explosieve gassen en giftige rook. Zo'n brand is moeilijk te blussen en kan uren later opnieuw ontsteken. Dit is de reden dat de brandweer thuisbatterijbranden anders benadert dan gewone woningbranden, en de reden dat de plaatsingsadviezen (aparte ruimte, niet in de vluchtroute) zo belangrijk zijn.
LFP is stabieler, maar niet risicovrij
Vrijwel alle nieuwe thuisbatterijen gebruiken volgens de fabrikantspecificaties LFP-cellen (lithium-ijzerfosfaat). Die chemie is volgens het NIPV doorgaans stabieler en dus veiliger dan de oudere NMC-chemie: er is meer voor nodig om een thermal runaway te veroorzaken. Maar het NIPV behandelt beide typen in zijn onderzoek bewust samen, omdat dezelfde veiligheidsvraagstukken gelden. Een verkoper die zegt dat een LFP-batterij “niet kan branden”, vertelt het te mooi.
Regels en verzekeraars
Specifieke wettelijke veiligheidseisen voor thuisbatterijen zijn er medio 2026 niet. De veiligheidsrichtlijnen voor grote batterijopslag (PGS 37) gelden uitdrukkelijk niet voor thuisbatterijen, en de aangekondigde wettelijke regels via het Besluit bouwwerken leefomgeving bestaan nog niet als concreet voorstel. Verzekeraars melden dat het aantal branden met thuisbatterijen als bevestigde oorzaak vooralsnog laag is, maar stellen wel steeds vaker voorwaarden aan plaatsing en installatie. Informeer je verzekeraar dus voordat de batterij er hangt.
Wat kun je zelf doen?
De twee maatregelen die volgens het NIPV het verschil maken: plaats de batterij in een aparte ruimte (niet in een woon- of verblijfsruimte en niet in de vluchtroute) en zorg voor detectie en alarmering in die ruimte. De brandweer bundelt haar actuele adviezen op de pagina Ga voor een veilige thuisbatterij. Waar die plek in jouw huis is, en welke extra regels voor stekkerbatterijen gelden, lees je in ons artikel over veilig plaatsen.